sfeerbeeld kind bij balie
sfeerbeeld kind bij balie
sfeerbeeld kind bij balie

Het doel van de Wmo is meedoen. Dit meedoen geldt voor iedereen, jong en oud, ongeacht maatschappelijke of economische positie, of iemand een beperking heeft of niet. Als mensen onvoldoende kunnen participeren in deze samenleving bijvoorbeeld vanwege een beperking, dan kan men een beroep doen op de Wmo-voorzieningen. Het gaat hier om voorzieningen die mensen in staat stellen een huishouden te voeren, zich te verplaatsen in en om de woning, te reizen, andere mensen te ontmoeten en contacten aan te gaan.

Maar de gemeente doet meer om de participatie van mensen te bevorderen. Ook veiligheid, gezondheid, huisvesting, werk en inkomen, beheersing van de Nederlandse taal maken dat mensen mee kunnen doen. De Wmo gaat over meer dan alleen de individuele voorzieningen. Daarnaast is de Wmo aanvullend en voor de mensen die het het hardst nodig hebben.

foto: werkende jongeren

Wet Wmo


Het Rijk heeft de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de WMO bewust neergelegd bij de gemeente. Dit omdat gemeente dichter bij de burger staat en daarom ook beter weet welke zorg iemand nodig heeft.
De Wmo is sinds 1 januari 2007 van kracht. Iedere gemeente mag zelf bepalen hoe de WMO uitgevoerd wordt. Hierdoor kunnen er verschillen ontstaan tussen gemeenten. Waar alle gemeenten zich in ieder geval aan moeten houden is de zogenaamde compensatieplicht. Dit houdt in dat gemeenten bij wet verplicht zijn om burgers met een beperking zo goed mogelijk bij te staan. Ze moeten er voor zorgen dat deze mensen optimaal gebruik kunnen maken van en deel kunnen nemen aan de samenleving.

Lees meer over de wet op de website van de Rijksoverheid.

Top

Beleidskader Wmo 2010-2013


De Zwolse gemeenteraad heeft op 25 januari 2010 het beleidskader Wmo vastgesteld, waarin de visie en vijf uitgangspunten voor de uitvoering van de Wmo zijn bepaald voor de periode 2010 - 2013 . Deze uitgangspunten zijn:

  • Uitgaan van eigen kracht van mensen en hun omgeving (sociale netwerk).
  • Meer aandacht voor het voorkomen van problemen (preventie).
  • De burger staat centraal.
  • Recht doen aan verschillen, niet iedereen is gelijk.

In de loop van 2010 wordt aan de hand van het beleidskader een meerjarenprogramma Wmo 2010 - 2013 opgesteld. In de Wmo zijn negen prestatievelden genoemd. In het meerjarenprogramma 2010-2013 wordt per prestatieveld doelstellingen bepaald en welke resultaten de gemeente wil bereiken, op welke manier en met welke maatregelen.

Lees meer in het beleidskader Wmo 2010 -2013 Mensen maken het verschil.

Beleidskader Wmo 2010 -2013 Mensen maken het verschil (pdf) (1,6 MB)

Top

Prestatievelden Wmo

  1. Het bevorderen van sociale samenhang en leefbaarheid in dorpen, wijken en buurten.
  2. Op preventie gerichte ondersteuning bieden aan jongeren met problemen met opgroeien en van ouders net problemen met opvoeden.
  3. Het geven van informatie, advies en cliƫntenondersteuning.
  4. Ondersteunen van vrijwilligers en mantelzorgers.
  5. Het bevorderen van deelname aan het maatschappelijke verkeer en het zelfstandig functioneren van mensen met een beperking, een chronisch psychisch of psychosociaal probleem.
  6. Het verlenen van voorzieningen aan mensen met een beperking, een chronisch psychisch probleem of een p[psychosociaal probleem ten behoeve van het behoud van hun zelfstandig functioneren of hun deelname aan het maatschappelijke verkeer.
  7. Het bieden van maatschappelijk opvang.
  8. Het bevorderen van openbare geestelijke gezondheidszorg.
  9. Het bevorderen van verslavingsbeleid.

Een paar voorbeelden van de prestatievelden:
Centrum voor Jeugd en Gezin
Tijdelijke voorziening voor verslaafde daklozen Oostzeelaan
Wmo-loket
Adviesraad Wmo
Mantelzorg- en vrijwilligersbeleid
Individuele voorzieningen Wmo
De Herberg, opvang voor daklozen

Top