Normen Participatiewet 1 juli 2018

Bijstandsnormen

De hoogte van uw uitkering hangt af van uw woonsituatie. Op deze pagina staan de meest voorkomende bijstandsnormen.

Woont u samen met anderen en kunt u de kosten delen? Dan geldt misschien de kostendelersnorm.

In het filmpje wordt de kostendelersnorm uitgelegd. Hier vindt u ook meer informatie over de kostendelersnorm. Geldt de kostendelersnorm voor u? Dan krijgt u bericht van de gemeente Zwolle over hoeveel bijstand u krijgt.

Overzicht
Gezin bestaande uit meerdere volwassenen, met en zonder ten laste komende kinderen Basisnorm netto per gezin
   
Gezin met twee volwassenen die beiden 18,19 of 20 jaar zijn €    492,02
   
Gezin met twee volwassenen van 18,19 of 20 jaar en ten laste komende kinderen €    776,75
   
Gezin met twee volwassenen waarvan één jonger dan 21 jaar is €    957,84
   
Gezin met twee volwassenen, waarvan één persoon jonger dan 21 jaar is, en ten laste komende kinderen € 1.242,57
   
Gezin met twee volwassenen tussen de 21 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd, met of zonder ten laste komende kinderen € 1.423,66
   
Gezin met twee volwassenen waarvan één of meer personen ouder zijn dan de AOW-gerechtigde leeftijd, met of zonder ten laste komende kinderen € 1.533,18
Overzicht
 Alleenstaande ouder Basisnorm netto
   
Alleenstaande ouder die jonger dan 21 jaar is €    246,01
   
Alleenstaande ouder die tussen de 21 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd oud is €    996,56
   
Alleenstaande ouder vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd € 1.121,43

 

Overzicht
Alleenstaande Basisnorm netto per persoon
   
Alleenstaande die jonger dan 21 jaar is €    246,01
   
Alleenstaande die tussen de 21 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd oud is €    996,56
   
Alleenstaande vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd € 1.121,43

 

Toegestaan vermogen

 

Overzicht
Uitkeringssituatie Toegestaan vermogen bij start uitkering
Alleenstaande €   6.020,00
Alleenstaande ouder € 12.040,00
Echtpaar of samenwonend € 12.040,00

Rekenvoorbeelden 110% en 130% van bijstandsnorm per 1 juli 2018

Bedoeld als hulpmiddel bij het berekenen van de inkomensgrenzen voor de regelingen:

 

Overzicht
Enkele voorbeelden Aanvullende informatie 110% van norm 130% van norm
Alleenstaande die tussen 21 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd oud is geen kostendelersnorm € 1.041,41 € 1.230,75
Alleenstaande vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd zonder aanvullend pensioen € 1.171,89 € 1.384,96
Alleenstaande vanaf de AOW-gerechtigde leeftijd één partner aanvullend pensioen € 1.191,84 € 1.404,91
Alleenstaande ouder die tussen de 21 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd oud is geen kostendelersnorm € 1.041,41 € 1.230,75
Gezin met twee volwassenen tussen de 21 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd oud, met of zonder ten laste komende kinderen geen kostendelersnorm € 1.487,72 € 1.758,22
Gezin met twee volwassenen, waarvan één persoon ouder dan de AOW-gerechtigde leeftijd is, met of zonder ten laste komende kinderen zonder aanvullend pensioen € 1.602,17 € 1.893,47
Gezin met twee volwassenen waarvan één of meer personen ouder zijn dan de AOW-gerechtigde leeftijd, met of zonder ten laste komende kinderen beiden met aanvullend pensioen € 1.642,07 € 1.933,37

 

Toelichting
 
Is de basisnorm niet genoeg om huur, voedsel, medicijnen of kleding te kopen? Dan kunnen jongeren tot 21 jaar bijzondere bijstand aanvragen. Dit hangt wel af van iemands persoonlijke omstandigheden.
 
Afhankelijk van de woonsituatie kan de bijstandsnorm worden verlaagd met maximaal € 284,73 per maand.
 
De eigen middelen om in het levensonderhoud te kunnen voorzien, worden aangevuld met een uitkering tot het bedrag van de bijstandsnorm die van toepassing is.
 
Van de uitkering wordt maandelijks 5% vakantietoeslag ingehouden. Deze vakantietoeslag wordt uitbetaald in juni of bij beëindiging van de uitkering.
 

De rekenvoorbeelden die 110% en 130% van de bijstandsnorm uitdrukken zijn bedoeld als hulpmiddel. Vaak kan iemand in aanmerking komen voor een regeling van de gemeente Zwolle met een inkomen tot 110% van de bijstandsnorm die voor hun van toepassing zou zijn. Voor mensen met een chronische ziekte of beperking geldt bij de collectieve zorgverzekering  en de tegemoetkoming voor chronisch zieken en mensen met een beperking een ruimere toetsnorm, namelijk 130% van de geldende bijstandsnorm.

Ook bij de scholierenregeling is de inkomensgrens 130% van de geldende bijstandsnorm.

 
Zie ook: rijksoverheid.nl/bijstand