Bodemenergieplan regelt bodemwarmte Breezicht-Zuid

Bodemenergieplan regelt bodemwarmte Breezicht-Zuid

Met de vaststelling van een bodemenergieplan voor Breezicht-Zuid verzekeren burgemeester en wethouders een duurzame warmtevoorziening voor deze buurt. Dat is nodig om te voorkomen dat bodemwarmtepompen elkaar onderling beïnvloeden of dat de bodem teveel afkoelt.

Breezicht wordt een aardgasloos en energieneutraal woongebied. Er komt geen centraal warmtenet zoals in Breecamp. Dat betekent dat alle energie die nodig is voor het verwarmen, koelen en ventileren van de woning duurzaam en op de eigen kavel wordt opgewekt. Omdat de huizen duurzaam gebouwd worden hebben ze een lage warmtevraag en kunnen all-electric worden verwarmd met een bodem- of luchtwarmtepomp.

Als alle huizen in deze buurt gebruik maken van bodemwarmtepompen bestaat de kans dat ze elkaar elkaar negatief gaan beinvloeden. Als dit effect te groot wordt koelt de bodem plaatselijk teveel af en kan er in de toekomst niet meer genoeg warmte geleverd worden om de huizen te verwarmen. Daarom is in het bodemenergieplan precies vastgelegd hoeveel energie er per kavel of woning jaarlijks aan de bodem mag worden onttrokken.

Het plan geeft ook de minimale afstand aan tussen de bodemsystemen onderling en tussen de installatie en de kavelgrens. Met deze gegevens kunnen installateurs en leveranciers rekening houden bij de plaatsing van bodemwarmtepompen. Daarmee is het technisch mogelijk alle woningen in Breezicht-Zuid met een  bodemwarmtepomp te verwarmen. Dat mag, maar het hoeft niet, eigenaren kunnen bijvoorbeeld ook kiezen voor een luchtwarmtepomp.

Bij de installatie van bodemwarmtesystemen mag niet dieper dan 90 meter geboord worden. Dit is nodig om te voorkomen dat de ondoorlatende laag in de diepe ondergrond doorboord wordt en er zout water in het bovenliggende zoete grondwater terecht komt.