document-plan iconUitkomsten enquête vluchtelingen

De gemeente Zwolle hoort graag van haar inwoners hoe zij aankijken tegen de opvang van vluchtelingen. Zo hebben er wijkgesprekken plaatsgevonden met vertegenwoordigers van belangenverenigingen. Er is gesproken met maatschappelijke organisaties. En begin dit jaar is er over de opvang van vluchtelingen een enquête uitgezet in de stad. Via een aselecte steekproef uit de Basis Registratie Personen (BRP) en bij een deel van het burgerpanel.

De uitkomsten op hoofdlijnen vindt u hier. Wilt u het document ontvangen met de uitkomsten? Stuur dan een mailtje naar a.van.der.lee@zwolle.nl  

Deze enquête is ingevuld door 499 personen (van de 2500 genodigden). De respons komt daarmee uit op 20%. Naar verhouding is de respons van respondenten uit het burgerpanel hoger (34%) dan dat van de respondenten van het BRP (16%).

De enquête ging over de opvang van vluchtelingen in brede zin (Oekraïneopvang, crisisnoodopvang en Regionale Opvang Locatie (ROL)). Hoe kijkt men hier tegenaan en hoe wil men bij de diverse onderwerpen al dan niet betrokken worden. Specifiek over de ROL zijn nog vragen gesteld over de vorm en ligging van de locatie. 

De reacties van de respondenten uit het Burgerpanel zijn over het algemeen positiever dan die van de respondenten uit de BRP.  Van de respondenten geeft 82% aan het een goede zaak te vinden dat Zwolle vluchtelingen opvangt. Dit is in lijn met de reactie van de bewoners waarmee gesproken is in de wijkgesprekken. Bij deze vraag waren de antwoorden van respondenten uit het burgerpanel  significant positiever dan de antwoorden van respondenten uit het BRP: respectievelijk 89% versus 79% vindt het een goede zaak dat gemeente Zwolle vluchtelingen opvangt.

Van de mensen die een opvanglocatie voor Oekraïners in de wijk hebben of hadden, geeft 79% van de respondenten aan dat ze daar niks van gemerkt hebben. Bij de inwoners die een crisisnoodopvang in de wijk hadden is dit aandeel 43%, terwijl 23% aangeeft dat de opvang een positief effect had op de omgeving.

Wat de ROL betreft, de meeste respondenten geven aan dat deze er zo gewoon mogelijk moet uitzien, net als een ander appartement in een wijk. Daarbij geeft ook een klein meerderheid aan dat de locatie vlak bij voorzieningen als ov, winkels, scholen en zorg moet liggen. Ook hier zagen we enkele significante verschillen in antwoorden tussen respondenten uit het burgerpanel en het BRP. Zo vindt 65% van de respondenten uit het burgerpanel dat de opvanglocatie in de buurt van winkelcentra moet zijn, terwijl dit voor 51% van de respondenten uit het BRP geldt.

42% van de respondenten vindt dat de ROL aan de rand van een wijk moet liggen. 25% vindt dat deze centraal in de wijk hoort en 33% is neutraal over de plek in een wijk. Op de vraag of mensen kansen zien voor een ROL in hun wijk antwoordt 26% met ja, 39% met nee en 35% weet het niet.

39% van de respondenten verwacht dat de aanwezigheid van een ROL invloed heeft op de veiligheid in de wijk. Ook hier is een verschil tussen de respondenten. Van de respondenten van het burgerpanel verwacht 29% dat een permanente opvanglocatie in de wijk effect op de veiligheid heeft, terwijl dit voor 44% van de respondenten uit het BRP geldt.

De bewoners die aangeven dat ze verwachten dat de locatie effect heeft op de veiligheid in de wijk, zijn gevraagd naar welk effect ze dan verwachten. Hierbij is het meest benoemd dat de komst van vluchtelingen in de wijk zorgt voor een onveilig gevoel en dat overlast, criminaliteit en vrouwenintimidatie zal toenemen.

Tenslotte geeft 80% van de respondenten aan dat het aantal vluchtelingen in de opvanglocatie afgestemd moet zijn op het aantal inwoners van de wijk.